CurriculumCoaching operaPrimaire doel van het vak is dat de student feedback krijgt over zijn vocale prestaties. Een belangrijk basisgegeven is dat de vocalist zichzelf anders hoort dan de mensen in de directe omgeving. De feedback betreft twee aspecten:
Deze zaken worden tijdens de repetities bewust gemaakt bij de student en zo mogelijk - in overleg met de student - op locatie (toneel, concertzaal) gecontroleerd. De Nieuwe Opera Academie heeft drie verschillende coaches. Deze coaches hebben allen een eigen benadering van het vak. De studenten krijgen van alle drie docenten coaching, en derhalve met verschillende benaderingen te maken. Eén benadering gaat ervan uit dat coaching met het instuderen van alle noten weinig te maken heeft. In de praktijk wordt dit gedaan door repetitoren. Een zangcoach hoeft niet per definitie zelf zanger te zijn. Meest waardevolle element van de coach is het horen c.q. waarnemen van de kwaliteiten van de zangstem. Een andere benadering van coaching is het toewerken naar uitvoeringen. Er wordt gewerkt aan de hand van losse aria's en scènes maar ook aan volledige producties. Studenten worden bewust gemaakt van de psychologische motivatie van de personages die ze vertolken.
DramaHet drama aanbod binnen DNOA onderscheidt spelmethode en spelstijl. De spelmethode bestaat erin dat de student door middel van een aantal gefaseerde opdrachten zijn eigen toneelvaardigheden ontwikkelt. De spelstijl is altijd gekoppeld aan een specifieke vorm die de regisseur eist van een zanger in een bepaalde productie. In deze producties worden de methodes dus concreet toegepast.
Spelmethode Eén enkele spelmethode voor een operazanger bestaat niet: bij de training van de operazanger in de praktijk is sprake van een hybride mengsel van verschillende spelmethoden die ontleend zijn aan de verschillende methodes voor de toneelspeler. Het is van belang dat de zanger verschillende methodes leert herkennen en hanteren, aangezien ze in de praktijk naast en vaak zelfs door elkaar heen gebruikt worden.
Voor het drama-curriculum onderscheiden wij drie soorten methoden:
Elk van deze methoden kent zijn eigen opbouw middels een serie spelopdrachten waarbij de aan de methode specifieke eisen worden getraind. Deze spelmethoden worden apart aangeboden gedurende de cursusperiode. Spelstijl In de hedendaagse praktijk hanteren de meeste regisseurs mengvormen die aan al deze basis- methoden ontleend zijn. In de geënsceneerde projecten wordt voor de ontwikkeling van de voor die productie specifieke spelstijl voortdurend beroep gedaan op de methoden die in de dramalessen ontwikkeld worden.
Workshops Buiten het reguliere aanbod kunnen in voorkomende gevallen ook workshops aangeboden worden, gerelateerd aan specifiek repertoire. Te denken valt hierbij aan workshop retorica, commedia dell' arte, Decroux e.d. Zowel voor de reguliere dramalessen als voor specifieke workshops wordt de voorkeur gegeven aan het werken met gastdocenten, die zelf in de volle praktijk werkzaam zijn. Dit om in voortdurend contact te blijven met de zich steeds ontwikkelende dynamische praktijk
Historische ontwikkeling van de operaIn blokken wordt de historische ontwikkeling van het medium opera behandeld vanaf de vroegste tijd (rond 1600, maar met enige aandacht voor de voorgeschiedenis in de vorm van liturgisch drama en renaissancistisch hofvermaak) tot en met de dag van vandaag (inclusief het hedendaagse muziektheater). In deze lessen worden de dramatische en vormgevingsaspecten van de opera behandeld, waar de muzikale aspecten bekend mogen worden verondersteld. Ook de bredere socio-historische context waarbinnen opera geproduceerd werd en wordt komt uitgebreid aan bod. In capita selecta wordt, gekoppeld aan de op dat moment in voorbereiding verkerende producties/projecten, apart aandacht besteed aan de componist, librettist en tijd van ontstaan van het onderhavige werk.
RepertoirebehandelingNaast de coaching wordt ook op andere manieren aandacht besteed aan het repertoire. Onderdeel hiervan is de ontwikkeling van zijn/haar kennis van en inzicht in het operarepertoire dat bij zijn/haar stemtype past, waarbij aandacht wordt gegeven aan het zingen en de interpretatie van operarepertoire van Barok tot hedendaagse muziek. Daarnaast wordt bij deze lessen aandacht besteed aan de dramaturgische, historische en artistieke aspecten van het hedendaagse operavak. Er wordt geoefend in het werken met de verschillende muzikale linguïstische en stilistische vereisten van een wijd repertoirespectrum, zowel individueel als in ensemble-verband.
EnsemblezangIn elke periode worden ensembleklassen gegeven. In deze klassen wordt de vaardigheid ontwikkeld tijdens het samen zingen van een gecompliceerde muzikale structuur naar elkaar te luisteren en op elkaar te reageren. Dit is een belangrijk deel van het vocabulaire van de professionele zanger. Het repertoire voor deze klassen wordt gekozen uit opera's van alle perioden en voor verschillende combinaties van stemmen (duet, trio's, kwartetten, etc.).
Carrièremanagement en auditietechniekenBasis van de lessen carrièremanagement is de ontwikkeling van een besef van wat wordt vereist in het hedendaagse operavak. Hoofdlessen zijn kennismaking met auditietechnieken en -gebruiken (repertoirekeuze, etiquette, kleding, etc.). Daaraan toegevoegd worden lezingen gegeven door agenten, theaterdirecteuren en bekende zangers.
Italiaans en andere taallessenItaliaans wordt gegeven gedurende de hele cursus. De lessen betreffen de interpretatieve en de technische kanten van het zingen van aria's en het behandelen van recitatieven in het Italiaans. Dit is van vitaal belang voor elke zanger die een professionele operacarrière wil. Andere taallessen (bijvoorbeeld Frans, Duits en Russisch) worden gegeven in relatie tot de projecten die uitgevoerd worden. |
|||
Juliana van Stolberglaan 1 2595 CA Den Haag T: 070 315 15 15 |
|
||