Het toelatingsexamen bestaat uit een praktijk- en een theoriegedeelte. Beide gedeeltes moeten gehaald worden om voor een plek in aanmerking te komen.

Het praktijkexamen
Je bereidt een programma van ca. 20 minuten voor, waaruit bij het toelatingsexamen wordt gekozen. De stukken moeten uit verschillende stijlperiodes worden gekozen en gelegenheid bieden je technische niveau en de muzikaliteit te beoordelen. Ook wordt gelet op stilistisch inzicht en affiniteit met de gespeelde muziek. Een voorbeeld dat als referentie kan worden gebruikt zijn de volgende werken, maar andere werken met een vergelijkbare moeilijkheidsgraad zijn ook mogelijk:

  • J. S. Bach, een Franse of Engelse suite of een Prelude en Fuga uit WTC 1 of 2
  • Een paar delen uit suite van een Franse 17de of 18de eeuwse componist
  • Een 17de eeuwse Canzona, Ricercare of Toccata of een werk van een van de Engelse Virginalisten
  • Een korte prima vista basso continuo test (de commissie zorgt voor de muziek)
  • Er kan gevraagd worden om een kleine improvisatie op een bekende bas (Folia bv.) of in de stijl van een Prélude non mesuré

Theoriedeel toelatingsexamen
Het theoretisch gedeelte omvat:

  • een schriftelijke gehoortest
  • een schriftelijke test algemene muziekleer
  • een individuele, praktische test solfège

Klik hier voor de proefexamens theorie